‘Iedereen overal ter wereld moet Open Access kunnen lezen én publiceren’

'Het is in mijn belang en in het belang van de lezer om ervoor te zorgen dat ze mijn artikelen kunnen vinden.’

31-01-2019 | 14:12

‘Vanaf mijn eerste publicaties rond 1990 heb ik vrijwel al mijn werk vrij toegankelijk op mijn website gezet’, vertelt Ruard Ganzevoort, hoogleraar praktische theologie en decaan van de faculteit Religie en Theologie van de Vrije Universiteit. Hij meent dat we toe moeten naar een systeem waarin alles Open Access (OA) is en moedigt collega-onderzoekers aan om ook de juridische grenzen op te zoeken. Bijvoorbeeld door mee te doen aan het Taverne-project. PasfotoRuardGanzevoort300x300

Open access heeft voor mij ook een principiële kant
‘Ik heb geen ander belang dan dat mensen lezen wat ik schrijf. En open access heeft voor mij ook een principiële kant. Ik heb er bezwaar tegen dat alleen onderzoekers die over voldoende geld beschikken of in een bevoorrechte context werken - met een bibliotheek die alles in huis heeft – mijn artikelen kunnen lezen.

Non exclusive rights
‘Voor mij zijn tijdschriften een soort tussenproduct. Het enige wat me echt interesseert is dat alles op mijn website terechtkomt en daar op inhoud gevonden kan worden. Daarnaast gebruik ik Research Gate en repositories zoals de VU Research Portal. Regelmatig krijg ik auteursrechtovereenkomsten toegestuurd waarin staat “you grant the exclusive rights to this journal”. Daar maak ik dan van “the non exclusive rights” en dan zet ik een paraaf in de zijkant. Daar heb ik van uitgevers nog nooit reacties op gehad.’

Reacties vanuit de hele wereld
‘Het aardige is dat ik mails krijg van mensen uit Bangladesh en Gambia, van overal ter wereld, die mijn teksten tegen zijn gekomen omdat ze op een bepaald onderwerp aan het zoeken waren. Zij hadden mijn artikelen nooit gevonden als die alleen in een paid journal zouden staan. Maar ik zet geen volledige boekpublicaties online als ze ook nog op de markt zijn, want dan maak je een uitgever brodeloos. Ik vind dat we toe moeten naar een systeem waarin alles Open Access is. Alles wat ik nu doe is een kunstgreep.’

Nek uitsteken
Hoe reageren collega-onderzoekers? ‘Een deel, vooral de jongere collega’s, is verbaasd dat je er zo vrij mee om kunt gaan. En ik hoor regelmatig “Jij hebt het makkelijker want je hebt al een gevestigde positie, dus jij kunt je meer veroorloven”. Ik heb wel eens een artikel teruggetrokken, omdat ik het een wurgcontract vond en daaraan niet wil meewerken. Ik kan me dat makkelijker veroorloven dan jonge collega’s die bezig zijn met een tenure. Dat is voor mij een reden om juist vanuit mijn positie mijn nek uit te steken. Tegelijkertijd doe ik dit al sinds ik nog niet eens een aanstelling bij de universiteit had.’

Wie gaat de kosten voor Open Access publiceren betalen?
‘Het lastige is dat we in een overgangsfase zitten van een oud naar een nieuw stelsel. Veel moet zich nog uitkristalliseren. Dit roept veel vragen op: wie gaat de kosten voor publicatie betalen en hoe wordt de kwaliteit gewaarborgd? Net zoals ik vind dat mensen uit de hele wereld nu wetenschappelijke publicaties moeten kunnen lezen, moeten zij straks ook net zo goed als wij kunnen publiceren – of je nou in Nederland of Ghana woont. Een andere vraag is of we onze tijd nog moeten steken in het gratis reviewen voor tijdschriften die winst najagen. Of moeten we een rekening sturen?’

Gestaffelde prijzen voor OA publiceren
‘Misschien moeten we naar een model waarin uitgevers ertussenuit gaan en universiteiten en vakverenigingen zelf tijdschriften gaan uitgeven. Op die manier borg je ook een belangrijk deel van de kwaliteitsvraag. We zouden dan bijvoorbeeld gestaffelde prijzen kunnen hanteren afhankelijk van het land waar de wetenschapper vandaan komt. Op die manier kan wetenschap niet alleen eerlijker worden, maar ook diverser en dus beter.’

Collectief de marge opzoeken
Hoe kunnen onderzoekers bijdragen aan het versnellen van de transitie? ‘Mijn advies is: zoek de marges op van wat er kan. Het is ook in je eigen belang om je werk goed te showcasen. Je wilt gelezen worden. Het landelijk project Taverne is voor mij een mooie stap in het grotere proces. Als we meer collectief de marge opzoeken dan wordt het voor uitgevers ongemakkelijker.’

Impact inhoudelijker meten
‘We moeten ook kijken naar de manier waarop onderzoekers nu beoordeeld worden. Binnen onze faculteit zijn we op zoek naar hoe dat zou kunnen. We denken bijvoorbeeld over het zichtbaar maken van teamprestaties, narratieven, en maatschappelijke impact. We willen impact graag inhoudelijker meten. Onderzoekers worden nu vooral afgerekend op publicaties in High Impact journals. Dat zegt niet zoveel over de inhoudelijke impact die je hebt. Mijn tekst die het meeste invloed heeft gehad is een lezing die ik nooit gepubliceerd heb. We moeten de durf hebben om inhoudelijker te wegen waar we onderzoekers op beoordelen.’

www.ruardganzevoort.nl

VSNU-project ‘Taverne’
Professor Ruard Ganzevoort is een van de VU-onderzoekers die deelneemt aan het landelijke VSNU-project ‘Taverne’ dat onderzoekers helpt gebruik te maken van hun recht om groen open access te publiceren op basis van het Taverne-amendement uit 2015. Dit amendement geeft onderzoekers het recht om wetenschappelijke artikelen, waarvoor het onderzoek geheel of gedeeltelijk door de Nederlandse overheid is bekostigd, na een redelijke termijn open access te publiceren, ongeacht de voorwaarden die uitgevers stellen. Bijvoorbeeld door het artikel op te nemen in de VU Research Portal.

Wil je ook meedoen met het Taverne-project?
Als je meedoet, zorgt de Universiteitsbibliotheek ervoor dat al uw korte, wetenschappelijke publicaties (artikelen, hoofdstukken uit boeken, vakpublicaties) van na 1 januari 2018:
•         in de uitgeversversie in de VU Research Portal worden opgenomen;
•         automatisch zes maanden na de eerste publicatiedatum gratis openbaar worden gemaakt.
Het enige dat u hoeft te doen is de UB te licenseren en ons een lijst toe te sturen met uw (te verwachten) publicaties.